Mijn blog op Marketingfacts over het échte verhaal van Bertolli

Giulio had het vrij snel door, toen hij met bezems en blikjes olijfolie op de rug van een muilezel door Brazilië voer: van de bezems moest hij het niet hebben. Aanvankelijk gaf hij de blikjes olie nog gratis bij aankoop van een bezem, maar binnen een half jaar liet hij de bezems voor wat ze waren en ging volledig over op de verkoop van olijfolie. Op zich niet vreemd: zijn Toscaanse vader Francesco Bertolli was ook al een man met een neus voor zaken. Hij stuurde niet voor niks zijn kinderen de hele wereld rond om de naam Bertolli beroemd te maken. Bertolli, inderdaad: het A-merk waarvan veel mensen denken dat het compleet verzonnen is door de afdeling ‘Authenticiteit’ van een reclamebureau. Maar ik moet iedereen teleurstellen (of juist niet): de Bertolli’s hebben echt bestaan en hebben echt een verhaal te vertellen. Maar wel een onverwacht verhaal, marketingtechnisch dan. Dit is dan ook niet het zoveelste artikel dat de authenticiteit van het Unilever-merk Bertolli aanvalt. Nou ja eventjes dan.

Klik hier om op Marketingfacts verder te lezen

1890

Mijn blog op Marketingfacts over het échte verhaal van Dove

“Uit Den Dolder bereiken ons telkens berichten, hoezeer men het daar betreurt, dat de UNILEVER N.V. sinds 1932 het begraven aan Den Dolder verboden heeft”. Diederika Pleines mag nooit meer in Nederland komen, maar nadat haar man Christoph was overleden besloot ze zijn laatste missie voort te zetten: het behoud vanuit hun ballingsoord van de begraafplaats van Den Dolder. Ze wist dat deze plek voor hem bijzonder was: hij had hem speciaal op laten richten toen het tweejarig dochtertje van één van de arbeiders van zijn zeepfabriek “De Duif” in 1902 overleed, en niet veel later ook de moeder. Christoph Pleines was een bijzonder man, zo zal ik straks laten zien. Ik was dan ook teleurgesteld toen ik zijn familiegraf onlangs bezocht en ontdekte dat juist hij er niet lag, terwijl hij er wel zijn 16-jarige eerstgeboren zoon heeft moeten achterlaten; pas later begreep ik dat hij niet meer in Nederland mocht komen. Ik was in de buurt en het leek me wel interessant om eens te kijken naar de ‘man achter Dove’. En ik vind het prachtig om te ‘merken’ hoe we in deze tijden weer de waarden terug zien komen die mensen als Christoph Pleines honderd jaar terug al hadden ingevoerd.

Klik hier om verder te lezen op Marketingfacts

Christoph_Pleines_604_292_90_c1_smart_scale[1]

Mijn blog op Marketingfacts over het échte verhaal achter merken

“Hallo Edwin, ik werkte bij een klant van jullie en ik ben gisteren ontslagen, en nu wil ik eigenlijk het geschiedenisboek van MCB eens lezen, zou je dat willen toesturen? Nu heb ik de tijd immers.” Ik moest even denken maar reageerde vrij snel “Eh natuurlijk, geen probleem ik zorg dat je het krijgt.” Maar eigenlijk was ik gewoon verward: je bent net ontslagen, waarom zou je uitgerekend nú opeens willen weten waar onze wortels liggen? Maar toen moest ik denken aan kleine Edwin, die ook altijd de wortels, ‘bronnen zoeken,’ als drive heeft gehad. En nog steeds merkte ik, toen ik ‘het échte verhaal achter Manutan’ schreef. En blijkbaar is dat ‘bronnen van merken zoeken’ niet alleen voor mij interessant, maar voor meer mensen. En dat opent de weg voor ‘rootsbranding’, een woord dat ik eh zelf verzonnen heb.

Klik hier om verder te lezen bij Marketingfacts

black-amp-white-book-girl-hair-favim-com-242694-1

Slow marketing: ‘Marketeers maken alles kapot’

“Everything I really believe in from a marketing standpoint will be ruined five years from today. ‘Cause there’s a funny little secret: marketers ruine everything! Everything that I really believe in, will become a tactic”. Een paar zinnetjes uit een flinke maar zeer boeiende video (klik hier) van Gary Vaynerchuck over hoe marketing verandert. En van alle kleine zinnetjes uit deze video zette vooral deze me aan het denken. Want het klopt: zodra iets wat authentiek is succesvol wordt, wordt het door ons marketeers geanalyseerd, gestructureerd en maken we er iets fabrieksmatig van. En halen er op die manier het hart uit.

Get rich quick
Als je bij LinkedIn in een groep zit, zul je de mails wel kennen die je elke dag krijgt, met updates van discussies. En daarin staan ze steevast:  mensen die de kortere weg naar het succes weten: “How to make money by …”. En dan wat tips over hoe je zo snel mogelijk ‘prospects’ omzet in ‘leads’ en nog sneller ‘converteert’ naar ‘customers’. Het lijkt wel een fabriek waar mensen aan de lopende band van begin naar eind gesleurd worden.
Het is deze ‘industriële beweging’ die steeds meer mensen tegen staat, en die jaren terug de ‘slow movement’ in gang heeft gezet: “Stop the world, I want to get off”.  Dit filmpje is wat dat betreft veelzeggend. De beweging is begonnen vanuit de ‘slow food’ gedachte in 1986, met een protest van Italiaanse olijfolieboeren tegen het openen van een McDonalds bij de Spaanse trappen in Rome. Maar aan het grootste olijfoliemerk ter wereld is weinig ‘slow’ meer aan…

Slow Olive Oil?
“Bertolli ontstond in 1865 in Toscane. In het kleine stadje Lucca maakten Francesco en Caterina Bertolli de eerste fles Bertolli olijfolie. In de jaren daarop groeide Bertolli uit tot een internationaal merk. Het is nu wereldwijd het grootste merk in olijfolie. Hoe hard Bertolli ook is gegroeid, een aantal dingen zijn hetzelfde gebleven. Al 140 jaar worden onze producten met evenveel trots gemaakt. En nog steeds is de Italiaanse levensstijl ons voorbeeld”.
Tot zover het verhaal, vermoedelijk niks van gelogen. Wat me opvalt is dat het vele malen makkelijker is om dit verhaal op Google te vinden dan de werkelijkheid. Maar de aanhouder wint, want een kei in het zoeken van deze werkelijkheid is natuurlijk de Keuringsdienst van Waarde, en die heeft enige tijd terug al met veel moeite achterhaald dat de olijfolie van Bertolli (vanwege de kosten) helemaal niet uit Italië komt maar uit Spanje en Noordafrika. Maar ze ontdekten nog meer (klik hier): op de fabriek in Italië prijkt de naam ‘Knorr’, er is maar één medewerker die alle sauzen maakt door op een knopje te drukken, en de vrouwen in de reclame zijn niet Italiaans maar Spaans. Het reclamebureau had niet eens de moeite genomen om de vrachtwagens in de commercial een Italiaans nummerbord te geven…
Bertolli is natuurlijk een prachtig voorbeeld van story telling en ‘fast marketing’ (nota bene van olijfolie), maar in een wereld die steeds transparanter wordt kan een ‘story’ dat te ver van de werkelijkheid staat natuurlijk tegen je werken. Zo begint de twitterpagina van Bertolli (klik hier) volgens mij al met een leugen: in het profiel staat dat er vanuit Lucca getwitterd wordt, maar daar heeft Unilever helemaal geen vestiging… En toen ik @bertolli vroeg waar ik informatie kon krijgen over de fabrieken waar hun producten gemaakt worden kreeg ik na een paar uur een mailadres van Unilever… Waarom geen link? En het advies van de mensen achter het mailadres? “Achterop elk potje staat waar het gemaakt is”.

Quick quick slow
De ‘slow movement’ heeft al een heel lijstje met ‘langzame bewegingen’ op Wikipedia (klik hier), maar ‘slow marketing’ staat daar nog niet bij. Vanuit de filosofie erachter (zie ook Wikipedia) zou je kunnen zeggen dat we de toenemende snelheid waarmee marketing in staat is om authenticiteit (zoals Bertolli) te industrialiseren en op die manier ‘ontmenselijken’ aan moeten pakken. Zodat we niet van elke authentieke ‘beweging’ een tactiek willen maken, en Gary Vaynerchuck over vijf jaar nog steeds kan geloven in wat hij nu gelooft…

Deze post vormt de basis van het elfde hoofdstuk van het boek ‘REAL Inbound Marketing’ (klik hier, Nederlandstalig). En als je denkt dat ik je kan helpen bij je marketing kun je me mailen op edwin@vlems.nl

Ethiek in de marketing: de tandenborstels van Britt en Ymke

Toen Britt en Ymke onlangs het mysterie van de Giftige Pijl op moesten lossen in Namibië, besloten ze bij de lokale bevolking wat tandenborstels achter te laten. Want die hadden natuurlijk hele vieze tanden. Maar wat schetste hun verbazing: ze hadden helemaal geen vieze tanden! De mensen van deze stam aten helemaal geen Westers voedsel, en dus was er met hun tanden helemaal niets aan de hand.
Wel grappig eigenlijk, het bedrijf dat de tandpasta maakt, maakt ook de voeding die de tanden aantast. Het bedrijf dat de zeep maakt die de natuurlijke bescherming van onze huid afbreekt, maakt ook crèmes die weer nieuwe bescherming geven. Het bedrijf dat producten maakt om mee af te slanken, maakt ook de producten die ons dik maken. Op deze manier zorgen wij marketeers voor ons eigen werk natuurlijk. Jaja ik weet het, er wordt al jarenlang het vingertje geheven tegen deze ‘overconsumptie’ door ‘bezorgde wereldbewoners’, dus daar wil ik geen schepje bovenop doen. Maar iets is wel anders: er komen economische redenen bij om Marketing anders te gaan doen. Maar eerst gaan we naar Londen.

Agressieve marketingrellen
In augustus 2011 werd Londen verrast door rellen die de stad wekenlang in een wurggreep hielden. Op verzoek van de regering werd een denktank in het leven geroepen die maart dit jaar advies uitbracht, en in hun rapport (klik hier voor de samenvatting) stond een opvallende conclusie: één van de belangrijkste oorzaken van de rellen was volgens het rapport “aggressive marketing”. Uit een onderzoek bleek dat 70% van de Londenaren vond dat de hoeveelheid reclame gericht op jongeren moest worden verminderd: “While no one individual brand is to blame, children and young people must be protected from excessive marketing”. ‘Bescherm onze jeugd tegen uw marketeers’. Aan de Engelse tegenhanger van de Reclamecodecommissie werd gevraagd om ook in scholen trainingen op te starten om de ‘weerstand’ van kinderen tegen reclame te versterken. Is dat niet raar? Het is zoiets als het uitdelen van kogelvrije kleding aan de soldaten wiens land je aan gaat vallen. Wat meteen de vraag oproept: waar komt die ‘aggressiveness’ bij ons marketeers vandaan?

Evil Rory
“I would rather be thought of as evil than useless”
, zo zei Rory Sutherland onlangs, de vice-president van reclamebureau Ogilvy. Het was naar aanleiding van een discussie over de ethische kant van reclame. Een wetenschappelijk bureau van de Britse overheid gebruikte de quote van Rory als inspiratie voor de titel van een rapport (klik hier) dat ze schreven over marketing en reclame: “Think of me as evil”. Het bureau toonde via een uitgebreide analyse van wetenschappelijk onderzoek aan dat de drie ‘mythen’ die de reclame-industrie in leven proberen te houden niet houdbaar zijn:

  • “Reclame versterkt geen consumptie, maar verdeelt het anders”: uit de onderzoeken die in het artikel worden beschreven blijkt het tegendeel: “Aggregate advertising affects aggregate consumption”.
  • “Reclame is slechts een spiegel van culturele waarden, en kan ze niet beïnvloeden”: Ook hier bleek uit onderzoek het tegenovergestelde. Een belangrijk voorbeeld in deze is natuurlijk de invloed van reclame op het imago van roken: pas nu het verboden is, is het imago van de roker gedegradeerd van ruige cowboy naar drugsverslaafde.
  • “Reclame gaat over de promotie van keuze”: Een democratisch ideaal, maar opnieuw blijkt uit het rapport het tegendeel: de onbewuste invloeden van reclame (vooral gericht op kinderen) op ons koopgedrag verminderen de keuze juist…

De rushende panda
Wat opvalt is dat bovengenoemd rapport mede geschreven is op initiatief van het Wereld Natuur Fonds. Maar eigenlijk is het ook weer niet raar: zoals ik eerder al zei worden er al jaren vingertjes geheven richting reclame en de ethische bezwaren ertegen, maar nu komt er voor het eerst een economisch bezwaar bij. Was het stimuleren van ‘greed’ tot voor kort misschien wat onethisch maar geen praktisch probleem (producten genoeg), dat probleem komt er nu wel: grondstoffen raken op. We hebben deze trend bij MCB enkele jaren terug gesignaleerd (eh we verkopen grondstoffen) en gelabeld met de term ‘The Mineral Rush’. Analoog aan de ‘Gold Rush’ van halverwege de 19e eeuw in de VS laat deze trend zien dat we uiteindelijk niet met één aardbol alle behoeften kunnen bevredigen. Om precies te zijn: als elke wereldbewoner het luxe-niveau heeft van een Amerikaan, hebben we 3 aardbollen nodig…
Was de druk op marketing om te veranderen tot nu toe vooral moreel van aard, nu komt er dus ook een economische reden bij: het opwekken van vraag in een wereld met steeds minder aanbod gaat problemen opleveren. De rellen in Londen zijn niet de laatste ‘marketing riots’ die we gezien hebben…

Truc-oorlogen
Binnenkort verschijnt een nieuw boek (‘Winning the Story Wars’, klik hier voor een leuke promotievideo) van de Harvard Business School, waarin wordt uitgelegd dat de ‘trucjes van marketing’ niet meer werken, omdat ‘marketing’ niet langer de conversaties beheerst. Toen ik 20 jaar terug een specialisatie binnen mijn opleiding psychologie moest kiezen, leek Economische Psychologie me wel interessant. De kennis van het menselijk gedrag gebruiken (‘trucjes van marketing’) om méér te kunnen verkopen. Eigenlijk wel raar nu ik er achteraf over nadenk. We kunnen het niet meer maken om op die manier met de wereld om te gaan, maar over niet al te lange tijd kunnen we het ook niet meer betalen…

“The truth is that marketing raises enormous ethical questions every day—at least it does if you’re doing it right…”, zo verwoordde Rory Sutherland op een andere manier zijn besef van de onethische kant van reclame en marketing. Misschien moeten we marketing eens echt anders doen en geld verdienen op een manier die niet alleen moreel van een hoger niveau is, maar ook veel leuker.

Deze post vormt de basis van het tweede hoofdstuk van het boek ‘REAL Inbound Marketing’ (klik hier, Nederlandstalig).